Rabarber(jam)

datum

Richard heeft twee jaar geleden z’n eigen geheime specerijenmix bedacht voor het maken van een unieke rabarberjam. Rabarber? Wat is dat ook alweer?

Rabarber is een plant die in de winter onzichtbaar is. Maar elk voorjaar, vanuit een groot knooppunt van wortelkluit (dat noem je een wortelstok), schieten er lange, groen-rode stengels op met grote bladeren. Zo’n stengel trek je met een vernuftige draai uit z’n ‘oksel’, alsof je iemands arm uit de kom probeert te draaien (stel ik me zo voor).

Het blad breek je van de stengel af, dat heb je niet nodig. Sterker nog, dat kan je beter niet eten want dat zit boordevol oxaalzuur. Nu heb je een dikke, stevige stengel over, en ook dié kan je beter nog niet eten. Nouja, kán wel, maar zuur! Zúúr! Ja, dat oxaalzuur zit ook in de stengel, maar niet in zo’n overdosis als in het blad.

Ik was de stengels en hak ze in stukjes van ca. 2 cm; dan ben je meteen van het draderig-vezelige af. Vervolgens kook ik de rabarber in het ‘aanhangende’ vocht, tot alles zacht is. Ik roer er wat suiker door naar smaak en klaar is een heerlijke, friszoete rabarbercompôte!

Om jam te maken is het slim om de rabarber met suiker een dagje weg te zetten. De verhouding suiker – rabarber voor jam varieert van recept tot recept. Maar laten we zeggen dat je voor 1 kg rabarber ongeveer 800 gram suiker nodig hebt. Suiker fungeert als zoetmaker en als conserveringsmiddel. Én als dikmaker – ja nee, dat we er dik van worden wisten we al, maar ik bedoel, het zorgt dat de jam dik wordt.

Beetje teveel suiker naar je zin? Snap ik. Daar zijn best alternatieve, gezondere recepten voor te vinden. Mijn gedachte is vooral: eet gewoon niet teveel jam, maar alleen af en toe. Goeie reden voor ons om de jam veelvuldig uit te delen!

Affijn, voor het hele jam-procedee kan ik je natuurlijk ook naar youtube verwijzen. Maar zo heb je een beetje een indruk waar rabarberjam nou eigenlijk vandaan komt. En wij verrijken onze receptuur dus met dat geheime Richard-elixer…

Overigens is een crumble, of een cake met rabarber óók verschrikkelijk lekker. Geserveerd met vanilleijs, of met warme vanillesaus, of gegarneerd met een lieflijk vlierbloesem-schermpje… ach, zo fijn dat voorjaar.

Even terug naar de plant: we plukken per wortelstok steeds een paar stengels, zodat er genoeg blad aan de plant blijft. Dat blad heeft het plant nodig om zichzelf mee te voeden, dmv fotosynthese (de omzetting van zonlicht naar… suikers ofzo?).

Zo blijft de plant sterk en blijft ie steeds weer nieuwe stengels produceren. Daardoor kunnen we meerdere keren oogsten. Maar ergens houdt het op: op 21 juni. Dat is de langste dag, de zonnewende. En vanaf die dag gaan allerlei gewassen, ook rabarber, zich anders gedragen. Vanaf dan bouwt het oxaalzuur in de stengels op waardoor die minder goed zijn voor consumptie. Er is dan nog niks aan de hand hoor, ziek zul je er niet van worden. Maar we laten de plant dan wel met rust zodat ie volop energie kan sparen voor de herfst; dán zal alles boven de grond langzaam afbreken en versnotteren. Het volgende voorjaar begint het feest opnieuw.

Prachtig idee toch, dat je van plantstelen jam kan maken?

Meer
berichten